Wat betekent de afschaffing van het ziektepensioen voor ambtenaren?
Wie als statutair ambtenaar langdurig ziek werd, kon tot nu toe in een aparte pensioenregeling terechtkomen: het zogenoemde ziektepensioen. Dat systeem stuurde duizenden mensen soms al op hun dertigste of veertigste definitief richting pensioen. Als de federale pensioenwet nog deze maand wordt goedgekeurd, komt daar vanaf 1 juni 2026 een einde aan.
Een technische hervorming? Zeker. Maar ook een politieke boodschap: de federale regering wil komaf maken met een regeling die haar jaarlijks meer dan 2,5 miljard euro kostte.
87.000 ambtenaren in ziektepensioen
Volgens cijfers van de Federale Pensioendienst ontvingen begin vorig jaar 87.608 voormalige ambtenaren een definitief pensioen wegens lichamelijke ongeschiktheid. Gemiddeld ging het om 2.430 euro bruto per maand.
Samen goed voor een jaarlijkse factuur van meer dan 2,5 miljard euro.
Daarnaast waren er nog honderden ambtenaren in een tijdelijk ziektepensioen, een tussenfase van maximaal 36 maanden die sinds 2025 werd ingevoerd.
Voor minister van Pensioenen Jan Jambon is het duidelijk: het systeem is financieel onhoudbaar én maatschappelijk achterhaald.
Definitief uit het arbeidsproces
Het oude systeem had een wrange logica. Wie langdurig ziek bleef en zijn ziektedagen opgebruikt had, kon door een medische beslissing definitief met pensioen worden gestuurd. Zelfs als die persoon nog jong was en perfect inzetbaar bleek in een andere functie.
Een kleuterjuf met een latexallergie die niet meer met ballonnen kon werken, maar nog probleemloos administratief werk kon doen? Pech gehad. Pensioen.
Het resultaat was dat mensen definitief uit het arbeidsproces verdwenen, vaak zonder reële poging tot herinschakeling.
Wat verandert vanaf 1 juni?
Als de wet wordt gestemd, stopt de instroom in het ziektepensioen op 1 juni 2026.
Langdurig zieke ambtenaren blijven dan onder verantwoordelijkheid van hun werkgever. Als die werkgever beslist om de statutaire band te verbreken, wordt de werknemer aangesloten bij de gewone ziekte- en invaliditeitsverzekering via het RIZIV en het ziekenfonds.
Met andere woorden: ambtenaren komen op dat vlak meer in hetzelfde systeem terecht als werknemers uit de privésector.
Meer verantwoordelijkheid voor de overheid
De hervorming verschuift de verantwoordelijkheid naar de overheid als werkgever.
Tot nu toe kon de overheid een langdurig zieke ambtenaar relatief eenvoudig doorverwijzen naar het pensioenstelsel. Voortaan zal ze zelf meer inspanningen moeten leveren voor preventie, begeleiding en re-integratie.
Dat klinkt logisch. Want wie personeel te snel afschrijft, mag daar ook de financiële gevolgen van dragen.
Wie al ziektepensioen krijgt, behoudt zijn rechten
Voor bestaande dossiers verandert er niets.
Wie vandaag al in definitief ziektepensioen zit, blijft dat pensioen ontvangen.
Ook wie momenteel in tijdelijk ziektepensioen zit, kan nog doorstromen naar een definitieve regeling.
Wel wordt de regeling soepeler voor wie wil bijverdienen. De jaarlijkse inkomensgrens stijgt van amper 1.264 euro naar 10.117 euro.
Een stevige versoepeling dus voor mensen die nog gedeeltelijk actief willen blijven.
Besparing of kostenverschuiving?
Op papier verdwijnt een systeem dat de pensioenbegroting zwaar belast.
Maar dat betekent niet automatisch dat de totale kost verdwijnt.
CD&V-Kamerlid Nahima Lanjri waarschuwt dat de rekening simpelweg kan doorschuiven van de pensioenpot naar de ziekteverzekering.
Als langdurig zieken niet effectief opnieuw aan de slag raken, verhuist het probleem van de ene begrotingskolom naar de andere.
En in België zijn we al decennialang wereldkampioen in dat soort boekhoudkundige acrobatiek.
Politiek signaal
De hervorming past in een bredere strategie van de regering-De Wever om de overheidsuitgaven af te remmen en sociale systemen te hervormen.
Officieel klinkt het dat langdurig zieke ambtenaren opnieuw perspectief krijgen.
Ongetwijfeld zit daar een kern van waarheid in.
Maar de timing en de omvang van de besparing laten weinig ruimte voor romantiek: 2,5 miljard euro per jaar is een bedrag waar geen enkele begrotingsminister zomaar aan voorbijloopt.
Wat hebben we vandaag geleerd
Het ziektepensioen voor ambtenaren verdwijnt omdat het systeem tegelijk duur, rigide en weinig toekomstgericht was.
Voorstanders zien een modernisering die mensen opnieuw kansen geeft.
Critici vrezen dat de overheid vooral een peperdure regeling schrapt en de factuur doorschuift naar het RIZIV.
Zoals wel vaker in België ligt de waarheid ergens tussen sociale hervorming en budgettaire noodzaak. Uiteindelijk blijft één vraag overeind: krijgen langdurig zieke ambtenaren écht meer perspectief, of verandert alleen de boekhouding?
(Foto: Shutterstock)