Acht kledingweetjes die je nooit meer vergeet — van hakken voor mannen tot de
zak die vrouwen kwijtraakten.
Je kleed je 's ochtends aan zonder erbij na te denken. Toch draag je elke dag een
stukje geschiedenis met je mee. Acht dingen aan je kleren die je gegarandeerd
niet wist.
1. Knopen links of rechts
Bij mannenkleren zitten de knopen rechts, bij vrouwenkleren links. Wist niet? Het is zo. De verklaring die het vaakst opduikt: vroeger kleedden welgestelde vrouwen zich niet zelf aan, maar werden ze geholpen door een dienstmeid. Voor die (meestal rechtshandige) helper, die tegenover de vrouw stond, zaten de knopen zo net goed. Mannen deden hun hemd zelf dicht. De gewoonte bleef, de dienstmeid niet.
2. Hakken waren voor mannen
Hoge hakken zijn niet bedacht voor de catwalk, maar voor het paard. Perzische
ruiters droegen ze om met hun voeten in de stijgbeugels te blijven haken. In de
17de eeuw werden ze mode aan de Europese hoven — bij mannen. Zonnekoning Lodewijk XIV paradeerde rond op rode hakken. Pas veel later werden ze 'vrouwelijk'.
3. De zak die vrouwen kwijtraakten
Vrouwenkleren hebben amper bruikbare zakken, en dat is geen toeval. Tot rond 1800
droegen vrouwen losse zakjes onder hun rok. Toen de mode strakkere, dunnere
jurken voorschreef, moesten die zakken wijken — en kregen vrouwen in de plaats
een handtasje. Zo werd de handtas eigenlijk een noodoplossing die nooit meer
verdween.
4. Roze en blauw stonden omgekeerd
Roze voor meisjes en blauw voor jongens lijkt vandaag bijna een natuurwet, maar dat is het helemaal niet. Begin vorige eeuw waren die kleurcodes veel minder vastgelegd. Er verschenen zelfs adviezen waarin roze, als lichtere variant van het krachtige rood, voor jongens werd aanbevolen en blauw voor meisjes. Elders gebeurde dan weer precies het tegenovergestelde.
Pas in de loop van de twintigste eeuw raakte de verdeling die we vandaag kennen steeds sterker ingeburgerd. Met andere woorden: er bestaat geen biologisch voorschrift dat bepaalt dat een jongetje bij het zien van roze onmiddellijk zijn mannelijkheid moet inleveren. Het is vooral mode die zo lang werd herhaald dat ze als vanzelfsprekend ging voelen.
5. Het geheime zakje in je jeans
Dat piepkleine zakje boven de rechterzak van je jeans heeft een verhaal: het was
een horlogezakje, bedoeld voor een zakhorloge. En die koperen nageltjes op de
hoeken? Die werden in 1873 toegevoegd om de zakken van arbeiders en mijnwerkers
niet te laten scheuren. Je draagt dus werkkleren van anderhalve eeuw oud.
6. Sneakers zijn genoemd naar sluipen
De naam 'sneaker' komt van het Engelse 'to sneak', sluipen. Toen schoenen een
rubberen zool kregen, kon je er ineens geruisloos mee stappen — anders dan met
klepperende leren zolen. Ideaal om iemand te besluipen, vonden ze. De naam bleef
plakken.
7. De stropdas komt uit Kroatië
In de 17de eeuw vielen Kroatische huurlingen in Franse dienst op door de doek die
ze rond hun hals knoopten. De Fransen waren verkocht en noemden het accessoire
naar hen: 'cravate', van 'Croate', Kroaat. Elke zakenman met een das draagt dus
een verre echo van een Kroatische soldaat.
8. De witte trouwjurk is jonger dan je denkt
Voor 1840 trouwden vrouwen gewoon in hun mooiste jurk, in eender welke kleur.
Toen koningin Victoria in het wit trouwde, wilde iedereen haar nadoen. Wit stond
bovendien voor rijkdom: alleen wie geld had, kon een jurk dragen die je amper een
tweede keer schoon kreeg. De 'traditie' is dus nog geen tweehonderd jaar oud.
Kortom: je garderobe zit vol verhalen van ruiters, dienstmeiden en soldaten.
Morgen kijk je toch even anders naar dat ene knoopje.
(Foto: P-magazine)