Frank op de barricades van het geweten.
Minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) trekt ten strijde tegen de vape-industrie, en hij doet dat met ongeziene scherpte. Aanleiding is de recente Pano-reportage, die pijnlijk blootlegt hoe wijdverspreid het gebruik van vapes is onder jongeren – en hoe gevaarlijk sommige van die producten inmiddels zijn geworden. Wat begon als een rookalternatief, is intussen uitgegroeid tot een parallelle verslavingsmarkt, met wortels in de online economie, oncontroleerbare distributie en een verontrustend marketingoffensief richting minderjarigen.
Een geparfumeerde toegangspoort tot verslaving
“Het is een ongezond en gevaarlijk product dat de wereld uit moet,” reageert Vandenbroucke, na het zien van de Pano-beelden. In die beelden werd duidelijk hoe vapes – ogenschijnlijk onschuldig door hun kleurrijke uiterlijk en fruitige smaken – steeds vaker worden ingezet als voertuig voor drugs zoals THC, en erger nog: spice. Dat laatste is een synthetisch goedje, ontworpen om de werking van cannabis na te bootsen, maar met een verslavingspotentieel dat eerder doet denken aan opioïden dan aan een recreatief genotsmiddel.
Volgens experts kan spice tot vijftig keer krachtiger zijn dan klassieke cannabis, en verslavend werken op een manier die doet denken aan heroïne. Vandenbroucke noemt het onomwonden “een criminele industrie” en hekelt het feit dat producten met dergelijke inhoud nog altijd hun weg vinden naar minderjarigen via illegale kanalen, sociale media en buitenlandse webshops.
Verboden product, alomtegenwoordig in de realiteit
Het cynische aan het verhaal: veel van deze producten zijn in België al verboden. Sinds januari zijn wegwerpvapes officieel uit de handel gehaald. De online verkoop is al sinds 2016 wettelijk verboden. Toch circuleert het nog volop. Jongeren kopen de vapes zonder enige controle, ze wisselen tips uit op sociale media en gebruiken technieken om het gebruik te maskeren voor ouders en leerkrachten. De kloof tussen wetgeving en werkelijkheid is opnieuw zichtbaar groot.
Vandenbroucke is zich daarvan bewust. Hij schuift het probleem deels richting de Europese Unie, waar het gebrek aan geharmoniseerde regelgeving de Belgische wetgeving grotendeels ondermijnt. In buurlanden als Frankrijk en Nederland blijven veel producten wel legaal verkrijgbaar, en dus belanden ze alsnog bij ons, via informele netwerken of het internet.
“Het probleem is niet de Belgische wetgeving,” aldus de minister, “maar het gebrek aan Europese wetgeving en Europese samenwerking.” Hij wil overleg met Binnenlandse Zaken en politiediensten om de verspreiding van vapes met verboden stoffen beter in kaart te brengen en gecoördineerd op te treden tegen de illegale distributie.
Smaakjes als marketingstrategie voor verslaving
Een ander punt van zorg zijn de smaakjes waarmee deze producten jongeren aantrekken. In tegenstelling tot de wegwerp- of smartvapes zijn die nog altijd legaal. Cola, aardbei, cheesecake, mango – het zijn smaken die onmiskenbaar gericht zijn op een jong publiek. Voor Vandenbroucke is dit pure strategie: kinderen aanspreken met aantrekkelijke smaken en vervolgens in contact brengen met nicotine of erger.
CD&V diende in 2021 al een wetsvoorstel in om die smaakstoffen te verbieden, maar dat werd nooit doorgevoerd. De discussie is complex. Gezondheidsexperts zijn verdeeld: sommige pleiten ervoor om alternatieve smaken te behouden als afbouwmiddel voor volwassen rokers, anderen waarschuwen voor het evidente risico van normalisering en jeugdverslaving.
In Denemarken mogen enkel nog smaken als tabak en munt gebruikt worden. Een gelijkaardig model wordt in België overwogen. “Maar daar moeten we nog over nadenken,” zegt Vandenbroucke, die zich bewust is van de gevoeligheden in het debat.
Verslavingsindustrie of volksgezondheid?
Er is een fundamenteel belangenconflict aan de gang tussen de volksgezondheid en een industrie die zijn businessmodel baseert op verslaving. Het feit dat jongeren doelgericht worden aangesproken, dat verboden stoffen als spice via vapes hun weg vinden naar tieners, en dat bestaande wetgeving systematisch omzeild wordt, maakt van dit dossier voor VDB een politieke prioriteit.
Vandenbroucke geeft aan dat hij niet zal wijken: “Ik had dit kunnen afdoen als een incident, maar dat doe ik niet. Dit is een structureel probleem en dat vereist een structurele oplossing.” Hij kondigt overleg aan met andere ministers, justitie, handhavingsdiensten en roept op tot Europese actie.
(Foto: PD/Pixabay)