De Pinokkio van de Belgische politiek heeft zijn tobjob beet.
De benoeming van voormalig premier Alexander De Croo tot hoofd van het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties (UNDP) is maandag bevestigd door de Algemene Vergadering van de VN. Met 172 stemmen voor en slechts één onthouding — Rusland — was de uitkomst een formaliteit na de eerdere voordracht door secretaris-generaal António Guterres.
De Croo volgt Achim Steiner op en wordt daarmee administrator van UNDP, de hoogste functie binnen het VN-secretariaat na de secretaris-generaal en diens plaatsvervanger. De rol omvat tegelijk de titel van ondersecretaris-generaal van de VN en vicevoorzitter van de United Nations Sustainable Development Group, het orgaan dat alle VN-agentschappen in het veld coördineert.
Gerenommeerde organisatie, fors mandaat
UNDP is de grootste operationele organisatie binnen het VN-ontwikkelingssysteem, met wereldwijd meer dan 23.000 medewerkers en een jaarlijks programmabudget van ongeveer 5 miljard dollar. De focus ligt op armoedebestrijding, ongelijkheidsreductie, klimaatweerbaarheid en goed bestuur, in samenwerking met overheden, bedrijven en lokale gemeenschappen. De Croo zal zijn functie aanvatten in New York.
Op X bedankte hij de lidstaten voor het vertrouwen. Hij benadrukte dat internationale samenwerking meer dan ooit noodzakelijk is en kondigde een aanpak aan die inzet op luisteren, samenwerken en “resultaat leveren”.
Politieke timing die opvalt
Op het internationale toneel oogt alles netjes volgens protocol, maar de binnenlandse context blijft moeilijk weg te denken. De Croo laat België achter met een structureel ontsporende begroting, een tekort dat richting 6 procent van het bbp evolueert, en meerjarige uitgaven die stelselmatig sneller stijgen dan de inkomsten. Onder zijn premierschap groeide de schuldenberg verder aan en waarschuwden zowel Europa als de Nationale Bank voor een losgeslagen begrotingskoers.
Die realiteit staat in scherp contrast met de nieuwe opdracht van De Croo: een VN-agentschap leiden dat wereldwijd landen moet helpen hun bestuur te versterken, hun financiën te stabiliseren en hun structurele kwetsbaarheden te beheersen.
De ironie die moeilijk te negeren valt
Feit blijft dat een premier die op het einde van zijn ambtstermijn een begroting achterlaat die door de Europese Commissie tot de slechtste van de eurozone wordt gerekend, nu door diezelfde internationale gemeenschap beloond wordt met een van de meest prestigieuze functies binnen de VN. Dat is geen waardeoordeel, maar een constatering die in politieke kringen al dagen wordt gefluisterd: de man die in eigen land de rekeningen niet op orde kreeg, mag nu internationaal het goede bestuur helpen uitdragen.
Dat de benoeming ruim gesteund werd door landen die zelf kampen met zware structurele problemen, versterkt die paradox alleen maar.
Of de Belgische belastingbetaler daar nog mee bezig is, valt te betwijfelen. Maar vast staat dat De Croo’s politieke carrière een opmerkelijke wending neemt: van premier van een land met een ontsporend budget naar internationale topmanager van een organisatie die zich toespitst op – jawel – duurzame ontwikkeling, bestuurlijke discipline en financiële weerbaarheid.
(Foto: PD)