Logo P-magazine Regio Zoeken Rubrieken

Ursula heeft weer een plan voor Europa. Nu nog het resultaat

Redactie - 15-09-2026

Ursula von der Leyen houdt haar toespraak over de staat van de Europese Unie. Ze zal ongetwijfeld opnieuw grote woorden gebruiken over een sterk, weerbaar en competitief Europa. Maar waar blijft het resultaat? En wie is dat eigenlijk ‘Europa’?

De grote baas van Europa heet Ursula von der Leyen. Zij draagt de titel van barones en heeft één groot politiek talent: ze kan overeind blijven.

Van 2013 tot 2019 was zij Duits minister van Defensie onder Angela Merkel. Ze kreeg zware kritiek nadat een audit het Duitse leger in een catastrofale toestand omschreef. Er waren vragen over haar management, transparantie en politieke stijl. Toch werd ze in 2019 voorzitter van de Europese Commissie. Daarna volgde een indrukwekkende reeks crisissen: corona, Oekraïne, Gaza, Trump, handelsoorlogen en nu opnieuw een wereld waarin economische en geopolitieke machtsblokken steeds harder tegenover elkaar staan.

Von der Leyen overleefde ze allemaal.

Dat maakt haar nog geen sterke Europese leider. Het maakt haar vooral een geslepen survivor.

Mooie woorden zijn niet hetzelfde als macht

De formule kennen we intussen. Een ernstige blik, een zaal vol Europese parlementsleden, woorden als ‘weerbaarheid’, ‘concurrentiekracht’, ‘veiligheid’, ‘innovatie’ en ‘strategische autonomie’. Daar kan Brussel behoorlijk indrukwekkend mee uitpakken. Bedrijven hebben inmiddels andere wensen. Zij hebben geen nood aan nieuwe strategieën, nieuwe actieplannen, of de zoveelste roadmap.

Europa wordt economisch keer op keer voorbijgestoken door de Verenigde Staten en China. De energie blijft duur, Europese bedrijven worstelen met regelgeving en investeringen blijven achter. De interne markt is nog altijd minder geïntegreerd dan ze zou moeten zijn.

En dus vragen we ons af wat Von der Leyen woensdag gaat vertellen. Niet om wat ze wil doen. Wat ze gedaan krijgt.

De vrouw die van crisis naar crisis ging

Von der Leyen heeft sinds 2019 nauwelijks een periode van rust en stabiliteit gekend. Dat is haar verdediging én haar probleem. Tijdens corona – weet je nog - groeide ze uit tot een van de gezichten van het Europese crisisbeleid. De onderhandelingen over coronavaccins leverden haar uiteindelijk ook het zogenaamde Pfizergate op. Berichten en telefoongegevens rond de onderhandelingen met Pfizer-topman Albert Bourla waren - en zijn nog altijd - niet volledig beschikbaar. De barones wil geen details geven over het onderonsje met Pfizer en de deal die ze destijds als een succes presenteerde.

De discussie daarover gaat overigens veel verder dan één verdwenen sms. Ze raakt aan een fundamenteel probleem van Europa: wie beslist er eigenlijk, achter welke deuren en met welke controle?

Von der Leyen heeft een bestuursstijl ontwikkeld die eerder aan een CEO doet denken dan aan een voorzitter die voortdurend compromissen zoekt tussen 27 lidstaten.

Donald Trump – fallocraat van het eerste uur - vindt dat blijkbaar aantrekkelijk. Hij zei eerder dat Von der Leyen meer macht heeft dan de mannen rond haar. Dat klinkt als een compliment. Maar voor een democratische instelling is het een waarschuwende ratel.

Wie is ‘wij’?

Von der Leyen spreekt voortdurend namens ‘Europa’. Maar wie is Europa? Europa bestaat niet uit één politieke familie, één regering of één bevolking met één belang. Polen heeft andere zorgen dan Portugal. Duitsland kijkt anders naar China dan Italië. Nederland denkt anders over landbouwsubsidies dan Spanje. Frankrijk heeft andere industriële belangen dan België.

De Europese burger krijgt de Europese plannen vaak gepresenteerd als een voldongen feit en mag daarna via zijn nationale regering of Europees Parlement proberen te begrijpen wat er precies beslist is. En dat genereert – terecht – wantrouwen. Wie zijn ‘wij’, Ursula? De Europese Commissie? De 27 lidstaten? Het Europees Parlement? België dat een zakdoek groot is? Of de ruim 450 miljoen Europeanen die uiteindelijk de rekening betalen?

De ijzeren hand botst op 27 muren

Von der Leyen heeft macht, maar die is niet onbeperkt. Ze kan voorstellen doen. De lidstaten en het Europees Parlement moeten er vervolgens mee aan de slag. En daar begint de Europese werkelijkheid: 27 regeringen, tientallen belangenorganisaties, politieke fracties en nationale verkiezingen. Dat levert meer dan regelmatig iets op dat tegelijk ambitieus klinkt en weinig verandert.

De Green Deal is daar een beschamend voorbeeld van. Europa – wij dus? - wil de uitstoot tegen 2040 met 90 procent verminderen tegenover 1990. Tegelijk vrezen landbouwers, industrie en verschillende regeringen – wij dus? - dat de Europese klimaatregels hun concurrentiekracht aantasten. Met als gevolg een resultaat dat typisch Europees kan worden genoemd: een compromis dat niemand echt gelukkig maakt en dat achteraf door iedereen anders wordt uitgelegd.

Mossel noch vis, maar wel 27 handtekeningen.

De grootste uitdaging ligt misschien minder in de woorden waarmee Europa zichzelf omschrijft en meer in de economische realiteit. Europa wil klimaatleider zijn, technologisch onafhankelijk worden, zijn defensie versterken, China van repliek dienen, Rusland afschrikken, Amerikaanse druk weerstaan en tegelijk zijn sociale model behouden. Moeten we daar een tekening bij maken?

Een continent dat minder groeit dan zijn grootste concurrenten kan niet eindeloos nieuwe ambities stapelen zonder zich af te vragen wie ze betaalt. Concurrentiekracht is geen PowerPointpresentatie. Ze begint bij betaalbare energie, minder bureaucratie, voldoende investeringen, innovatie en bedrijven die niet eerst drie jaar vergunningen moeten verzamelen voor ze een fabriek kunnen bouwen.

En dan komt China

Ook China zal woensdag prominent op het Europese menu staan. Europa wil samenwerken waar dat kan en zich beschermen waar dat moet. Dat klinkt verstandig. Maar opnieuw geldt: woorden zijn gemakkelijker dan macht. China produceert goedkoper, investeert agressief en heeft een industriële strategie voor de lange termijn. Europa onderhandelt vaak nog over de vraag of het überhaupt een strategie nodig heeft.

Von der Leyen wil daarom een steviger Europese positie tegenover Peking. Duitsland lijkt daar inmiddels meer voor open te staan dan vroeger. Maar ook hier geldt: Europa is pas een geopolitieke speler als de lidstaten bereid zijn zich ook zo te gedragen.

En dan staat daar de barones

Von der Leyen werd ooit de ‘Wunderfrau’ genoemd. En de ‘ijzeren hand’ van Brussel. Misschien passen geen van beide bijnaampjes de barones. Ze is vooral een politieke overlever met een indrukwekkend vermogen om zich door crisissen, conflicten en controverses heen te manoeuvreren. Dat is een kwaliteit. Maar het is geen antwoord op de vraag die woensdag op tafel ligt. Want Europa heeft geen gebrek aan plannen. Europa heeft geen gebrek aan instellingen. Europa heeft geen gebrek aan rapporten, strategieën, actieplannen en verklaringen.

Europa heeft gebrek aan vertrouwen dat al die plannen ook iets veranderen.

En wij? Zullen we even kort door de bocht gaan? Wij willen:

Minder barones.

Minder grote woorden.

Meer resultaat.

(Foto: screenshot X)

Europa Ursula von der leyen State of the union Nieuws internationaal

Reacties

Resterende karakters 500

Lees meer

Nieuwsbrief Mis nooit meer het laatste nieuws, exclusieve aanbiedingen en boeiende verhalen van P-magazine! Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.
Zoeken