Logo P-magazine Regio Zoeken Rubrieken

Ziezo, de langste nacht van het jaar hebben we gehad, op naar de zomer...

Redactie - 22-12-2025

De dagen worden weer langer, maar niet elke dag evenveel. Hoe werkt dat eigenlijk?

De winterzonnewende is gepasseerd. Daarmee ligt de langste nacht van het jaar achter ons en is het astronomische kantelpunt bereikt: vanaf nu worden de dagen opnieuw langer. Het is een geruststellende vaststelling die elk jaar terugkeert, maar zelden volledig wordt begrepen. Want hoewel het licht inderdaad aan een opmars begint, gebeurt dat niet op alle momenten van de dag tegelijk.

De nacht van de winterzonnewende duurde dit jaar meer dan zestien uur. Daarmee was het de donkerste fase van het jaar, al betekent dat niet dat de ochtendzon nu meteen vroeger verschijnt. Integendeel: de komende dagen blijft de zonsopgang nog opschuiven naar later, tot een voorlopig dieptepunt eind december. Pas daarna begint ook de ochtend aan haar trage inhaalbeweging.

Avonden winnen al, ochtenden verliezen nog

Wie het gevoel heeft dat de dagen al even langer worden, heeft dat niet ingebeeld. De zon gaat sinds midden december opnieuw later onder. Dat proces is al enkele dagen bezig, aanvankelijk in stappen van seconden, maar het tempo neemt snel toe. Tegen het begin van januari winnen we per avond al ongeveer een minuut licht.

Tegelijk blijven de ochtenden voorlopig nog donkerder worden. De laatste en donkerste zonsopgang valt pas enkele dagen na de winterzonnewende. Dat schijnbare tegenstrijdige fenomeen is geen toeval, maar het gevolg van de complexe manier waarop de aarde zich door de ruimte beweegt.

Geen cirkel, geen rechte as

De verklaring ligt in twee fundamentele kenmerken van onze planeet. Ten eerste draait de aarde niet in een perfecte cirkel rond de zon, maar in een licht elliptische baan. Ten tweede staat de aardas schuin ten opzichte van die baan. Dat samenspel zorgt ervoor dat de zonnehoogte, de lengte van de dag en het exacte tijdstip van zonsopgang en -ondergang niet symmetrisch verlopen.

De winterzonnewende markeert het moment waarop de zon haar laagste stand bereikt aan de hemel. Dat punt ligt precies tussen de vroegste zonsondergang en de laatste zonsopgang. Daarom beginnen de avonden al te lengen terwijl de ochtenden nog even terrein verliezen. Pas na enkele dagen komt ook daar de kentering.

Astronomische winter versus weerkundige eenvoud

Met de winterzonnewende start de astronomische winter. Die volgt de stand van zon en aarde en valt meestal op 21 december, al kan dat soms ook de 20ste of 22ste zijn. De weerkundige winter begint eenvoudiger, op 1 december. Dat vaste ijkpunt maakt het makkelijker om statistieken en meetreeksen te vergelijken, maar zegt weinig over licht of temperatuur.

Oud ritme, moderne verklaring

Dat de terugkeer van het licht al duizenden jaren betekenis krijgt, is geen toeval. Lang voor wetenschap en kalenders werd dit moment ervaren als een overwinning op de duisternis. Kerstmis bijvoorbeeld. Veel culturen vierden rond midwinter zowel het dieptepunt als het begin van herstel. Licht, vuur en samenzijn fungeerden als symbolische verzekering: het donker was niet definitief.

Vandaag begrijpen we het mechanisme beter. We weten waarom het licht terugkeert, waarom het traag gaat en waarom het eerst ’s avonds merkbaar is. Maar de essentie blijft dezelfde: de langste nacht is voorbij. Vanaf nu wint het licht, seconde per seconde, minuut per minuut. Niet spectaculair, wel onvermijdelijk.

(Foto: Pixabay)

Zomer Winter Korte dagen

Reacties

Resterende karakters 500

Lees meer

Nieuwsbrief Mis nooit meer het laatste nieuws, exclusieve aanbiedingen en boeiende verhalen van P-magazine! Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.
Zoeken