Logo P-magazine Regio Zoeken Rubrieken

Verontwaardiging op maat: maak van studenten profiteurs om besparingen te verantwoorden

Redactie - 20-08-2026

Hoe één cijfer over "leefloonstudenten" precies op tijd in de kranten belandt om te besparen.

Tienduizend jongeren kregen tegelijk een leefloon én verhoogd kindergeld. De cijfers duiken op, de verontwaardiging volgt, en de besparing ligt al klaar. Toeval? Of leren we stilaan hoe de machine werkt die sociale steun eerst verdacht maakt, en dan afroomt?

Er is een vast recept in dit land, en wie het eenmaal doorheeft, ziet het overal. Het gaat zo. Een parlementslid vraagt cijfers op. Die cijfers belanden, keurig van context ontdaan, in een grote krant. De krant zet er een verbaasde kop boven: "Kan dat zomaar?" De lezer fronst. En enkele weken later ligt er een besparing op tafel die precies dat "achterpoortje" dichttimmert.

Deze week was het weer prijs. Het onderwerp: de zogenaamde leefloonstudent. En voor we ons laten meeslepen door de verontwaardiging, is het de moeite om te kijken hoe dit verhaal in elkaar zit — en vooral, wie er baat bij heeft dat je het op een bepaalde manier leest. 

Wat er aan de hand is

De feiten eerst, nuchter. In Vlaanderen waren er in 2023 zo'n 10.364 meerderjarigen tussen 18 en 25 die nog thuis wonen en tegelijk een leefloon én een verhoogd Groeipakket — het vroegere kindergeld — ontvingen. En breder: het aantal studenten dat bij het OCMW aanklopt voor een leefloon steeg in vijf jaar van bijna 35.000 naar ruim 42.000. Een stijging van 22 procent.

Klinkt fors. En de kop die erbovenop komt — "thuis wonen, studeren én steun krijgen" — is zo gebouwd dat je meteen denkt: hier klopt iets niet. Drie keer profiteren, en ik betaal.

Maar lees door, en het beeld kantelt. Om die dubbele steun te krijgen, mag het gezinsinkomen niet te hoog zijn. Het gaat dus per definitie over kwetsbare gezinnen waarvan de kinderen tóch naar de hogeschool of universiteit gaan. En het Groeipakket is geen gunst, het is een récht van elk kind, hoe arm of rijk de ouders ook zijn. Met andere woorden: de "schokkende" combinatie is gewoon een arm gezin waarvan een kind studeert. Dat is geen schandaal. Dat is, zou je denken, precies wat een sociale zekerheid hoort te doen.

Het echte misbruik was er, en het is al aangepakt

Nu, eerlijk is eerlijk: er wás een probleem, en dat mag je niet wegwuiven. Twee jaar geleden stootte men in enkele steden op hallucinante dossiers waarin gezinnen leeflonen zó opstapelden dat de gecumuleerde uitkeringen konden oplopen tot enkele duizenden euro's per maand — in uitzonderlijke gevallen zelfs meer dan het loon dat je met werken zou verdienen.

En dát is een echt probleem. Een sociaal systeem dat mensen ondersteunt, mag nooit een val worden waarin thuisblijven meer opbrengt dan werken. Wie dat ontkent, verdedigt geen solidariteit maar een weeffout.

Alleen — en dit is het deel dat in de verontwaardiging wegvalt — dat achterpoortje is al gesloten. Sinds 1 maart 2026 telt men bij de berekening van het leefloon het inkomen mee van álle inwonenden: grootouders, schoonouders, werkende kinderen. De logica is verdedigbaar: wie samenwoont, deelt de kosten. En het effect is drastisch. In het rekenvoorbeeld van het kabinet zelf zakt een gezin dat vroeger 2.327 euro steun kreeg, naar 612 euro. Een daling van 1.714 euro. Het misbruik is dus niet iets wat nog moet worden aangepakt. Het ís aangepakt.

Wat meteen de vraag oproept: waarom komen die alarmerende cijfers dán nú in ‘Het Laatste Nieuws’ ?

Het cijfer dat twee kanten op kan

Want kijk naar het cijfer dat het hart van het krantenstuk vormt, en dat als het meest verontrustende wordt gepresenteerd. Van de leefloonstudenten blijkt vijf jaar na afstuderen minder dan de helft — 46,5 procent — duurzaam aan het werk. Bij de brede studentenpopulatie is dat ruim 90 procent. "Veel te laag", luidt het verdict. Het leefloon dreigt "een eindstation" te worden in plaats van een brug naar werk.

En op het eerste gezicht is dat een vernietigend cijfer. Minder dan de helft aan het werk, na al die overheidsinvestering — 244 miljoen euro in 2025 alleen. Dat schreeuwt om ingrijpen.

Maar draai het cijfer één kwartslag, en het vertelt het omgekeerde verhaal. Diezelfde kwetsbare jongeren die níét studeren, halen amper een tewerkstellingsgraad van 36 procent. Wie mét een leefloon een diploma haalt, komt aan 46,5 procent. Dat is geen bewijs dat de investering faalt. Dat is het bewijs dat ze wérkt — dat ze een groep met zware armoede en complexe thuissituaties tien procentpunt hoger tilt dan waar die anders zou stranden.

Exact hetzelfde cijfer, 46,5 procent, is tegelijk "veel te laag" en "een positief verhaal". Het hangt er maar van af welk frame je erover legt. En laat het nu net dat frame zijn dat bepaalt of er straks bespaard wordt of niet.

De "spookstudent" die niet blijkt te bestaan

Nog zo'n verdachtmaking die het stuk oproept en meteen weer moet inslikken: de spookstudent. Jongeren die zich puur inschrijven om een uitkering en kindergeld op te strijken, zonder ooit een aula van binnen te zien.

Behalve dat die niet kunnen bestaan. Wie een studentenleefloon krijgt, tekent een strikt contract met het OCMW: voltijds studeren aan een erkende instelling, regelmatig de lessen volgen, examens afleggen, resultaten voorleggen. Wie zich daar niet aan houdt, verliest de steun. De spookstudent is dus een spook in de letterlijke zin: hij spookt door de kop van de lezer, maar hij bestaat niet in de realiteit.

Ach ja ja, een verdachtmaking, zelfs een die je meteen ontkracht, blijft in het hoofd van de lezer hangen. "Zijn er spookstudenten?" — de vraag alleen al plant het idee dat er ergens gesjoemeld wordt, ook al is het antwoord nee.

 

Wie zet dit in de wereld, en waarom nu?

En zo komen we bij de kern, bij het patroon dat we je in het begin beloofde. Volg even de bron van deze cijfers.

Het getal van de thuiswonende cumulerende studenten werd bij Caroline Gennez (Vooruit) opgevraagd door een N-VA-parlementslid Tomas Roggeman. Het tewerkstellingscijfer werd opgevraagd door een Vlaams Belang-parlementslid. De reactie komt van een N-VA-minister. En het geheel verschijnt in ‘HetLaatste Nieuws’ , netjes verpakt met vraagtekens die twijfel zaaien zonder ze hard te maken.

Dat is geen samenzwering — het is gewoon hoe politieke communicatie werkt. Een kabinet dat wil besparen op sociale uitgaven, heeft eerst een klimaat nodig waarin die uitgaven verdacht lijken. Je kweekt dat klimaat niet met een dorre begrotingstabel. Je kweekt het met een verhaal: de thuiswonende student die drie keer trekt, de mogelijke spookstudent, het cijfer dat "veel te laag" is. Tegen de tijd dat de besparing er komt, heeft de lezer ze in zijn hoofd al goedgekeurd.

En het detail dat het helemaal doet kloppen: deze regering plant nog een hele reeks ingrepen in het leefloon — strengere contracten, een herziening voor vluchtelingen, een aangescherpte financiering van de OCMW's. Het is dus niet één losse maatregel. Het is een campagne. En elke campagne heeft een opwarmfase in de pers nodig.

Waar de eerlijkheid ligt

Laat we duidelijk zijn, want we willen niet in de omgekeerde val trappen. Niet elke besparing is slecht, en niet elk kritisch cijfer is manipulatie. Het is volkomen legitiem om te vragen of gemeenschapsgeld goed besteed wordt. 244 miljoen euro is geen kleingeld, en een overheid die níét zou nagaan of dat rendeert, zou haar werk niet doen. Het echte cumul-misbruik moést aangepakt worden, en dat het gebeurd is, is een goede zaak.

Maar er is een wereld van verschil tussen kritisch evalueren en systematisch verdacht maken. Het eerste weegt de cijfers langs beide kanten. Het tweede kiest telkens het frame dat de steun het meest problematisch doet lijken, en laat de context weg die het beeld zou nuanceren.

Wat hebben we vandaag geleerd?

De volgende keer dat je een kop leest in de trant van "kan dat zomaar?", stel jezelf drie vragen. Wie heeft die cijfers opgevraagd? Wat is de context die is weggelaten? En welke maatregel ligt er, toevallig, net achter de horizon klaar?

De doorsnee leefloonstudent is geen profiteur. Het is, in de overgrote meerderheid, een kind uit een arm gezin dat probeert te doen wat wij allemaal zeggen te willen: studeren, een diploma halen, uit de armoede klimmen. Dat 46,5 procent van hen daarin slaagt, tegenover 36 procent zonder diploma, is geen bewijs van falen. Het is precies waarvoor een sociale zekerheid bestaat.

De cijfers zijn echt. De armoede is echt. En de jongeren zijn echt.

Alleen het schandaal, dat is gemaakt, op maat, en precies op tijd, is fake randje.

(Fotomontage: Philip Reynaers/Bert Van Den BrouckeIPhotonews)

Reacties

2026-08-20 11:46:48 Bovenstaand artikel is nog relatief mild door tes chrijven dat de regeringsmaatregel enkele weken na het artikel komt. Er zijn veel "scripted" manipulatie-artikels geweest waarbij de maatregel al onmiddelijk werd aangekondigd. Meest dubieuze was wel de aanwezigheid van een VTM onderoeksjoernalist die toevallig met een cameraploeg aanwezig was op een huiszoeking bij PostNL, en reeds onmiddelijk een "exclusief" interview had met Petra De Sutter over versterking van het postmonopolie. Kwatongen zullen misschien zeggen dat dit eerder te maken had met een beloning voor een postbedelingskontrakt
Resterende karakters 500

Lees meer

Nieuwsbrief Mis nooit meer het laatste nieuws, exclusieve aanbiedingen en boeiende verhalen van P-magazine! Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.
Zoeken