Een overheidsbank die de regels anders leest dan de wetgever zelf: moeten we dat slikken?
Belfius - de bank die volledig in handen is van de Belgische overheid - ligt onder vuur omdat ze zich bij phishingdossiers niet zou houden aan de wettelijke spelregels. Waar de wet duidelijk stelt dat slachtoffers van niet-toegestane betalingen onmiddellijk moeten worden vergoed, schrijft Belfius in zijn algemene voorwaarden een extra tussenstap in: eerst een onderzoek, dan pas geld.
En dat is exact het probleem.
De wet zegt: eerst terugbetalen. Punt.
De Europese en Belgische regelgeving is duidelijk: wie slachtoffer wordt van phishing en geld verliest via een niet-toegestane transactie, moet uiterlijk de volgende werkdag worden terugbetaald. Pas daarna mag een bank onderzoeken of de klant zwaar nalatig was.
In dat geval kan de bank het geld achteraf eventueel nog terugvorderen.
Maar volgens Vooruit en verschillende experten draait Belfius dat principe gewoon om.
“Eerst onderzoeken, dan misschien betalen”
In de algemene voorwaarden van Belfius staat zwart op wit dat de bank eerst onderzoekt of er sprake is van bedrog of grove nalatigheid, en pas daarna beslist over terugbetaling.
Voor Vooruit-Kamerlid Jeroen Soete is dat niet minder dan een regelrechte kaakslag aan de wet.
Hij noemt het “een flagrante overtreding zonder enige gêne”, en kondigt aan minister van Financiën Jan Jambon hierover te interpelleren. Extra pijnlijk detail: Belfius is een 100 procent overheidsbank.
Met andere woorden: de staat zou zijn eigen regels aan zijn laars lappen.
“Onrechtmatig beding”
Ook professor financieel recht Reinhard Steennot (UGent) plaatst in ‘Het Nieuwsblad’ zware kanttekeningen bij de werkwijze van Belfius. Volgens hem is er juridisch weinig ruimte voor interpretatie.
De rechtspraak, inclusief Europese adviezen, zou duidelijk stellen dat banken eerst moeten terugbetalen en pas daarna de eventuele schuld van de klant mogen onderzoeken.
Een clausule die dat omdraait, noemt hij daarom een “onrechtmatig beding” dat juridisch nietig kan zijn.
Belfius: “Wij volgen het wettelijk kader”
Belfius zelf houdt het bij een sobere reactie: de bank zegt dat ze het wettelijke kader toepast en dat elk dossier individueel wordt bekeken.
Over de opvallende passage in de algemene voorwaarden gaat de bank niet in detail in.
En net dat zwijgen zorgt voor extra vragen.
De overheidsbank en het geheugen van de Wetstraat
Het is niet de eerste keer dat Belfius in conflict komt met politieke verwachtingen. Eerdere dossiers tonen dat de bank zich geregeld stevig verzet tegen ingrepen van de overheid, zelfs wanneer het om klantenbescherming gaat.
De vraag die nu boven alles hangt: moet een overheidsbank niet strikter de wet volgen dan commerciële spelers, in plaats van er creatief mee om te gaan?
Strengere regels op komst
De regering werkt intussen aan een strengere wetgeving die de verplichting tot onmiddellijke terugbetaling nog explicieter moet maken. Ook de definitie van “grove nalatigheid” zou strikter worden afgelijnd.
Phishing wordt steeds professioneler, en slachtoffers steeds kwetsbaarder.
Gaan de banken volgen? Of blijven ze rekenen op hun eigen interpretatie van de regels?
(Foto: Shutterstock)