Niet langer “confederalisme of niets”, maar “De Wever of de chaos”.
De nieuwjaarsreceptie van N-VA vormde dit weekend geen vrijblijvende start van het politieke jaar, maar een demonstratie van macht, legitimiteit en richting. N-VA spreekt vanuit overwicht, terwijl de rest van het politieke spectrum worstelt met defensieve reflexen.
De Wever afwezig, maar alomtegenwoordig
Voor het eerst in twintig jaar sprak Bart De Wever niet zelf de N-VA-achterban toe. Die taak liet hij over aan zijn opvolgster Valerie Van Peel. De choreografie was zorgvuldig uitgewerkt: De Wever bleef zichtbaar aanwezig, maar liet het podium aan haar. Geen schaduwvoorzitter, geen overgangsfiguur. Het signaal was duidelijk: de partijleiding staat stabiel.
Van Peel vulde de rol niet met een inhoudelijke breuk, maar met bevestiging. Haar toespraak was grotendeels een verdediging van het beleid dat De Wever als premier uitrolt. Pensioenhervormingen, arbeidsmarktmaatregelen en besparingen werden niet ontkend of afgezwakt, maar gelegitimeerd als noodzakelijk en onvermijdelijk. “We vragen offers van iedereen,” klonk het, “om het systeem eerlijk en toekomstbestendig te houden.”
Die boodschap sloeg aan bijn de N-VA-fans. De zaal reageerde niet defensief, maar instemmend. De N-VA presenteert zich niet langer als ideologische uitdager, maar als beheerder van de orde. Dat is geen toeval, maar strategie.
Socialisten als schietschijf
Opvallend was hoe expliciet N-VA de socialisten viseerde. Van Peel spaarde PS niet en noemde haar systeem “failliet”. De boodschap: Arizona maakt komaf met decennia van wat N-VA ziet als passiviteit, transfers en afhankelijkheid. De vijand is helder benoemd, maar tegelijk veilig gekozen. PS vormt geen onmiddellijke machtsdreiging in Vlaanderen, maar blijft een dankbaar ideologisch afschrikbeeld.
Tegelijk werden federale coalitiepartners MR, Les Engagés, Vooruit en CD&V publiek bedankt voor hun “moed”. Dat contrast is veelzeggend. Waar de partners federaal worden ingekapseld, worden ze Vlaams onder druk gezet. N-VA speelt de niveaus tegen elkaar uit en doet dat vanuit een comfortabele positie.
Van confederalisme naar machtsbehoud
Pijnlijk was dat wat nauwelijks nog aan bod kwam: Vlaamse onafhankelijkheid of confederalisme. Waar die vroeger het ideologische fundament vormden, zijn ze nu gereduceerd tot achtergrondruis. Van Peel erkende dat confederalisme “te lang op zich laat wachten”, maar koppelde er geen urgentie meer aan. België werd voorgesteld als een schip dat dreigde te zinken en door N-VA voorlopig recht wordt gehouden.
De slogan is verschoven. Niet langer “confederalisme of niets”, maar “De Wever of de chaos”. Dat is geen toeval, maar het discours van een partij die zichzelf als onmisbaar ziet.
N-VA danst op het graf van de anderen
Wat deze nieuwjaarsfeesten vooral blootlegden, is de scheefgetrokken machtsverhouding in de Belgische politiek. N-VA bepaalt de agenda, legitimeert pijnlijke keuzes en dwingt anderen in defensieve posities. Vooruit en CD&V worden Vlaams aangevallen en federaal ingelijfd. PVDA mag roepen, maar raakt de macht niet. PS fungeert als ideologische schietschijf zonder directe impact.
Met een premier die het centrum van de macht bezet en een nieuwe voorzitter die geen breuk veroorzaakt maar stabiliteit uitstraalt, beweegt N-VA zich als een partij die geen concurrentie meer voelt. Niet ideologisch, niet strategisch, niet electoraal.
Dit was geen debat over hervormingen.
Dit was een demonstratie van overwicht.
Terwijl anderen zoeken naar verweer, richting of relevantie, staat N-VA niet aan de rand van het politieke kerkhof — maar danst ze op de graven.
(Foto: Didier Lebrun/Photo News)