AZ Sint-Jan Brugge heeft als eerste in Europa een minimale ingreep voor lekkende hartkleppen geïntroduceerd, uitgevoerd via de halsader. Dit biedt nieuwe mogelijkheden voor patiënten die voorheen geen behandeling konden ondergaan.
AZ Sint-Jan in Brugge heeft een nieuwe methode geïntroduceerd voor de behandeling van lekkende hartkleppen. Deze techniek maakt gebruik van een minimale ingreep waarbij de hartklep via de halsader wordt geplaatst, waardoor een openhartoperatie niet meer nodig is. Dit biedt een oplossing voor patiënten met een tricuspidalisklep die lekt.
Uitdagingen bij traditionele behandeling
De tricuspidalisklep, gelegen aan de rechterzijde van het hart, zorgt ervoor dat bloed in de juiste richting stroomt. Wanneer deze klep lekt, kunnen symptomen optreden zoals kortademigheid en vochtophoping. Traditionele behandelingsmogelijkheden waren vaak beperkt en risicovol, vooral voor oudere of zwakkere patiënten, waardoor veel patiënten alleen met medicatie konden worden behandeld.
De nieuwe techniek
De ingreep, uitgevoerd door een team van cardiologen waaronder Dr. Jan Van Der Heyden, omvat het inbrengen van een nieuwe hartklep via een katheter die in de halsader is geplaatst. Dit minimaliseert de impact op de patiënt en verkort de herstelperiode. Deze techniek is een uitbreiding van vergelijkbare procedures die al worden toegepast voor andere hartkleppen, zoals de aorta- en mitralisklep.
Vooruitzichten voor patiënten
De nieuwe aanpak biedt voordelen voor patiënten die eerder geen toegang hadden tot een effectieve behandeling. Naast het verminderen van de fysieke belasting tijdens de procedure, maakt het ook behandeling mogelijk voor patiënten die eerder als niet-behandelbaar werden beschouwd. Dr. Van Der Heyden wijst erop dat deze ontwikkeling de tricuspidalisklep, vaak aangeduid als de ‘vergeten klep’, weer onder de aandacht brengt in de medische wereld.