In Liedekerke is een gedenkzuil onthuld ter ere van zes inwoners die meer dan vier eeuwen geleden onterecht als heksen werden vervolgd en ter dood gebracht. Deze daad symboliseert een respectvolle herinnering aan een donkere periode uit de lokale geschiedenis.
In Liedekerke heeft een recente gebeurtenis de gemeenschap nauwer samengebracht door het verleden onder ogen te zien. Meer dan 400 jaar na een tragisch heksenproces, waarbij zes dorpelingen onterecht gemarteld en verbrand werden, is nu een gedenkzuil opgericht ter hunne nagedachtenis.
Historische achtergrond en hedendaagse erkenning
De beschuldigde personen, waaronder Elisabeth Callebauts en Jan Van Droogenbroeck, leefden in de wijk Impegem van Liedekerke rond het einde van de 16e eeuw. Door jaloezie en bijgeloof van de omringende gemeenschappen werden zij en andere dorpelingen snel bestempeld als heksen en tovenaars, wat uiteindelijk leidde tot hun gruwelijke dood.
Na uitgebreid onderzoek en overleg besloot de lokale gemeenschap deze zwarte bladzijde uit hun geschiedenis te erkennen middels een blijvend monument. Dit initiatief werd mede ondernomen door afstammelingen van de slachtoffers, die zich tijdens de ceremonie uitspraken over de belangrijkheid van het erkennen en herdenken van deze tragische gebeurtenissen.
Een les voor huidige en toekomstige generaties
Clement Gordts van de Heemkundige Kring van Liedekerke benadrukte tijdens de onthulling dat dit monument niet alleen dient als een herinnering aan het verleden, maar ook als een waarschuwing voor de toekomst. Het illustreert hoe destructief discriminatie en ongegronde beschuldigingen kunnen zijn, iets wat volgens hem parallellen vertoont met hedendaags pestgedrag.
De gedenkzuil staat nu als een symbool van rechtzetting en bewustwording in het hart van Liedekerke, en nodigt uit tot reflectie over hoe we als samenleving omgaan met verschillen en beschuldigingen.