“België verlaat het stenen tijdperk.”
Het hele land klaagt, behalve bij defensie. Want minister van Defensie Theo Francken (N-VA) voert een radicale inhaalbeweging door in het Belgische defensiebeleid. Na decennia van structurele onderinvestering wil hij het beeld van lege magazijnen en geïmproviseerde oefeningen wegvagen. Sinds deze zomer werd al voor 1,2 miljard euro aan nieuwe munitie besteld; tegen het einde van dit jaar moet dat oplopen tot 2,3 miljard euro. We zijn klaar voor als de Rus komt. Toch?
Van FN Herstal naar het Pentagon: zwaar materieel en geavanceerde raketten
Waar Franckens voorganger Ludivine Dedonder (PS) zich vooral concentreerde op kleine kalibers en contracten met FN Herstal, richt Francken zich op strategisch en zwaarder materieel. Hij koopt honderden AIM-9X Sidewinder-luchtafweerraketten bij het Pentagon, geschikt voor F-16’s én F-35’s. Voor de marine investeert ijzeren Theo 35 miljoen euro in ‘decoys’ voor de nieuwe fregatten, bedoeld om raketten en torpedo’s te misleiden en zo schepen en bemanning te beschermen.
Maar er is meer. Er werd voor 348 miljoen euro aan 120mm-artilleriegranaten besteld, aangevuld met 60mm-mortiersystemen en lichte luchtafweerraketten uit Polen. De strategie is duidelijk: Defensie wil op korte termijn een modern, slagkrachtig arsenaal opbouwen dat beantwoordt aan NAVO-normen. je kan het ook de Trump-en-zijn-vrienden-normen noemen. Maar wellicht vinden sommigen dat te kort door de bocht.
NAVO-vereisten als maatstaf
De NAVO verwacht van haar lidstaten dat zij een voorraad hebben om minstens dertig dagen gevechtsoperaties te kunnen volhouden. Wat er daarna gebeurd? Nja, dan is het geld op. Nu goed, België zit daar ver onder, na 25 jaar besparen en het leveren van munitie aan Oekraïne in 2022. Oud-kolonel Roger Housen benadrukt in ‘Het Nieuwsblad’ dat het gat niet in één legislatuur gedicht kan worden. De munitie-investeringen van Francken zijn dus het begin van een structurele operatie/financiële aderlating die jaren zal duren.
Doorlooptijden en concurrentie op de markt
De vraag naar munitie en zware systemen is wereldwijd explosief gestegen. Productiecapaciteit blijft achter en kleinere bestellingen komen achteraan in de rij. Bij artilleriegranaten loopt de wachttijd op tot drie à vier jaar; voor Patriot-raketten zelfs zeven jaar. Enkel bij FN Herstal kan België rekenen op een zekere voorrang. Dat betekent dat de effecten van de huidige investeringen pas op middellange termijn zichtbaar zullen zijn. Of de Rus zolang kan wachten, is maar de vraag.
Een boodschappenlijst voor een nieuwe krijgsmacht
Naast munitie plant Defensie een veel bredere modernisering. Meer dan duizend extra gevechtsvoertuigen, nieuwe luchtafweersystemen, een bijkomend fregat en extra F-35’s staan op de radar. De Belgische krijgsmacht wil tegen 2030 opnieuw een betrouwbare NAVO-partner worden met een volwaardige landmacht, luchtmacht en marine. Geef acht, wordt geef negen, zeg maar.
Strategische ommekeer
Het beleid van Francken markeert een breuk met de defensiepolitiek van de afgelopen decennia. Van het “pang pang”-tijdperk naar een leger dat opnieuw over eigen slagkracht beschikt, is een symbolische en praktische stap. Het signaleert ook dat België inziet dat veiligheid en soevereiniteit niet gratis zijn. Al klinkt dat als een understatement.
Het blijft echter een race tegen de klok. Met kleine bestellingen, beperkte productiecapaciteit en een leger dat al jaren uitgekleed is, zal het nog minstens vijf tot zes jaar duren voor Defensie de vruchten plukt van de huidige investeringen. Tot dan blijft het balanceren tussen ambitie en realiteit.
Kernboodschap: investeren of irrelevantie
De recente investeringen zijn vogens Francken geen luxe, maar een noodzakelijke correctie. Zonder massale aankoopprogramma’s riskeert België blijvend afhankelijk te blijven van bondgenoten en noodoplossingen. En mét massale aankoopprogramma's? Wat denk jij?
(Foto: Philip Reynaers/Photo News)