De grootste diefstal gebeurt nog vóór wij aan de kassa staan: grote voedingsreuzen manipuleren de vrije markt.
Dezelfde chocolade, ander land, hogere prijs
Wie regelmatig de grens oversteekt om boodschappen te doen, kent het fenomeen. Dezelfde pot choco, hetzelfde bier of dezelfde chocoladereep kost in Nederland, Duitsland of Frankrijk vaak een pak minder dan in België.
Dat is geen toeval.
De Europese Commissie zou nu de strijd opvoeren tegen zogenaamde territoriale leveringsbeperkingen, zo schrijft ‘De Tijd’ op donderdag. Dat zijn praktijken waarbij grote fabrikanten supermarkten verhinderen om producten goedkoper aan te kopen in een ander Europees land.
De vrije markt... behalve als ze te vrij wordt
Europa pronkt al decennialang met één grote interne markt waarin goederen vrij moeten kunnen circuleren. Alleen blijkt dat voor heel wat bekende merken vooral theorie.
Producenten leggen supermarkten allerlei hindernissen op zodra die elders goedkoper willen inkopen. Leveringen worden beperkt, promoties verdwijnen, verpakkingen worden aangepast of bestellingen worden simpelweg geweigerd. Alles om te vermijden dat een Belgische supermarkt dezelfde producten goedkoper uit Nederland of Duitsland haalt.
En dus bestaalt de consument braafjes meer voor exact hetzelfde product.
België is de pineut
Volgens Europees onderzoek behoren België en Oostenrijk tot de landen waar deze kunstmatige handelsbarrières het vaakst voorkomen. Daardoor liggen supermarktprijzen hier gemiddeld 7,5 tot 10 procent hoger dan in goedkopere buurlanden.
Dat verklaart meteen waarom zoveel Belgen tegenwoordig hun auto voltanken én hun koffer vullen net over de grens.
Monsterboetes veranderden opvallend weinig
Europa trad de voorbije jaren al op tegen enkele grote namen.
AB InBev kreeg een boete van 200 miljoen euro omdat het wilde verhinderen dat Albert Heijn goedkoper Belgisch bier via Nederland kon aankopen. Ook snack- en chocoladegigant Mondelez moest honderden miljoenen euro betalen wegens gelijkaardige praktijken. Tegen Ferrero loopt zelfs nog een onderzoek.
Dat klinkt indrukwekkend.
Alleen blijkt uit de praktijk dat zulke boetes het systeem nauwelijks hebben veranderd.
Veertien miljard euro dat nooit in uw portefeuille belandt
Volgens berekeningen van de Europese Commissie zouden Europese consumenten samen jaarlijks liefst 14 miljard euro minder betalen als die kunstmatige handelsbarrières verdwijnen.
Gemiddeld zouden supermarktprijzen met ongeveer 7,6 procent kunnen dalen. Dat is geen peulenschil wanneer voedselprijzen de voorbije jaren bijna onafgebroken zijn gestegen.
Uiteraard is er geen garantie dat supermarkten elke euro voordeel volledig zullen doorgeven aan de klant. Maar door de hevige concurrentie verwachten experts dat een aanzienlijk deel wel degelijk in de winkelkar van de consument terechtkomt.
De rekening wordt al jaren kunstmatig opgedreven
Fabrikanten verdedigen zich door te wijzen op hogere lonen, belastingen en energiekosten in België.
Dat verklaart ongetwijfeld een deel van de prijsverschillen.
Maar Europa ziet tegelijk dat sommige bedrijven doelbewust de interne markt afschermen om hogere winstmarges veilig te stellen. En precies daar wil de Commissie nu harder tegen optreden.
Voor de consument is de conclusie alvast eenvoudig.
Misschien ligt het probleem van de dure winkelkar niet uitsluitend bij inflatie, oorlogen of energieprijzen. Misschien betaalden we al jaren ongemerkt te veel omdat sommige multinationals liever grenzen optrekken dan concurrentie toelaten.
En dat is een rekening die uiteindelijk altijd bij dezelfde persoon terechtkomt: de klant aan de kassa.
(Foto: P-magazine)