Hoera voor het klimaat, leve de armoede.
De Europese Commissie zet de introductie van ETS2 door, het nieuwe emissiehandelsysteem voor transport en woningen, ondanks verzoeken van enkele lidstaten om de start uit te stellen. Het systeem maakt verwarmen met gas en rijden op fossiele brandstoffen geleidelijk duurder, met als doel de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. Tegelijk overweegt de Commissie compensatiemechanismen om de impact op huishoudens te beperken: lees om Jan met de Pet te sussen.
ETS2: uitbreiding van emissiehandel naar consumenten
Het emissiehandelsysteem ETS2 werd in 2023 goedgekeurd en zou in 2027 van start gaan. Waar ETS1 zich vooral richtte op energie-intensieve industrieën zoals staal, cement en energieproductie, legt ETS2 de focus op emissies door huishoudens en transport. Benzine, diesel, stookolie en aardgas vallen vanaf dan onder het systeem. De uitstoot wordt geregeld via emissierechten: hoe meer CO₂ wordt uitgestoten, hoe hoger de kosten. Het systeem volgt het principe van “de vervuiler betaalt” en wil geleidelijk aan Europa richting klimaatneutraliteit brengen tegen 2050.
Een deel van de opbrengsten van ETS2 wordt ondergebracht in het Sociaal Klimaatfonds. Lidstaten kunnen hiermee maatregelen financieren om de extra lasten op huishoudens met lage of gemiddelde inkomens te compenseren en de overgang naar duurzamere technologieën te ondersteunen, zoals isolatie, zonnepanelen en warmtepompen. Lees: wie huurt mag op z'n kin kloppen en dokken.
Impact op huishoudens en mobiliteit
Volgens een studie van het Federaal Planbureau kan ETS2 aardgas 16 procent duurder maken, stookolie 21 procent en benzine en diesel circa 10 procent. Dat vertaalt zich voor gezinnen die fossiele brandstoffen blijven gebruiken in een extra jaarlijkse kost van 250 tot 400 euro. Onder huishoudens met lage inkomens, alleenstaanden of eenoudergezinnen kan de meerkost zelfs oplopen tot 650 euro, zo blijkt uit onderzoek van het Vlaams Instituut voor Technologisch Onderzoek (VITO).
Lidstaten vragen uitstel
Cyprus, Hongarije, Slowakije en Polen hebben officieel gevraagd om ETS2 minstens drie jaar uit te stellen tot 2030. Ze wijzen op de potentiële impact op de kosten voor burgers en pleiten voor meer tijd om sociale klimaatmaatregelen uit te rollen. Andere lidstaten, waaronder België, Duitsland en Spanje, hebben eerder gevraagd om compensatiemechanismen, maar niet om uitstel.
Europese Commissie blijft bij planning
De Commissie weigert uitstel, maar bekijkt wel technische maatregelen om de prijsstijging van emissierechten te begrenzen en zo de sociale impact te beperken. Daarnaast wordt onderzocht of lidstaten alvast een voorschot op de opbrengst van ETS2 kunnen krijgen. Voor België zou dat 1,66 miljard euro betekenen, waarvan ruim 43 procent naar Vlaanderen gaat.
Europese klimaatpolitiek onder druk
De discussie over ETS2 speelt zich af tegen een bredere achtergrond van verdeeldheid binnen de EU over klimaatbeleid. Recent werden Europese doelstellingen voor broeikasreductie tegen 2035 niet eensgezind vastgesteld, en ook andere dossiers, zoals het verbod op de verkoop van fossiele voertuigen in 2035, staan ter discussie. Voor de Europese Groenen staat deze week te boek als een mogelijk beslissend moment voor het klimaatbeleid van de Unie, terwijl ontwikkelingslanden en internationale waarnemers de gevolgen nauwlettend volgen.
(Foto: Shutterstock)