De kans is reëel dat Vlaanderen straks alweer te maken krijgt met een golf van dreigtelefoons en -berichtjes en dat knappe jongedames catwalks in Milaan en Parijs beloofd worden in ruil voor pijp- en wipbeurten: misschien mag Dennis Burkas de cel maandag weer verlaten.
Dat zit zo. Vorig jaar werd Vlaanderens grootste fantast en viespeuk veroordeeld tot een celstraf van zeven jaar. Hij ging echter in beroep. De rechter in beroep wilde, op vraag van Burkas’ advocaat Van Steenbrugge, enkele slachtoffers weer verhoren, waaronder Nanoe Vaesen. Nanoe kwam echter niet opdagen omdat ze in ‘t ziekenhuis lag, en daarom vroeg Van Steenbrugge de voorlopige vrijlating voor Burkas.
Het Hof van Beroep ging gisteren in op dat verzoek, al moet Burkas wel eerst een borgsom van 20.000 euro aftikken. “We gaan proberen dat geld bijeen te krijgen”, liet Van Steenbrugge toen optekenen.
Wat later bracht Vlaanderens grootste krant HLN, zo fier als een lek vergiet, dat iemand die 20.000 patatjes gerust wilde neertellen voor Burkas. Van Steenbrugge voegde eraan toe dat Burkas komende maandag wellicht weer op vrije voeten is.
Er wordt nu wild gespeculeerd over wie de wilde weldoener van Burkas is. ‘Michel Van den Brande!’ wordt hier en daar geopperd. Nu, dat gaat ‘m niet zijn. Michel en Dennis zijn een tijdlang de allerbeste broeders geweest, maar inmiddels is dat niet meer. Integendeel: de stellingbouwer lust Burkas seignant. De reden? Het heeft iets met twee lichtekooien – een blondje en een zwartje, door Dennis ook wel topmodellen genoemd – stiekem gefilmd en chantage te maken. Het complete verhaal kan je lezen in dit boek.
Maar goed, wie heeft er dan wel 20.000 euro over voor Dennis zijn vrijlating? Iemand van DPG? Daar staat immers de champagne al koud om straks Dennis’ vrijlating te vieren. Of is het Alexander De Croo? Die gaf Burkas eerder al een enveloppe met 10.000 patatjes in. Neen. Wij peinzen dat we weten wie de wilde weldoener is. We komen erop terug van zodra we zeker zijn. We noemen ‘m voorlopig Holle Bolle Gijs.
Van Steenbrugge verklaart aan HLN nog dat Burkas dan wel moet komen opdagen in volgende zittingen in de zaak, en dat hij er alle vertrouwen in heeft dat Burkas dat daadwerkelijk zal doen.
Dat is opmerkelijk, want Burkas nam al enkele keren de benen terwijl hij op voorlopige vrije voeten was. Een keer zelfs tot in Griekenland. Omdat we in een goede bui zijn, delen we daarover een fragment uit dit boek:
Dennis ging huilie-huilie doen bij de mama. Vier jaar cel had hij gekregen. Vier jaar! Hij had al wel eerder in ‘t gevang gezeten, maar nog nooit vier jaar. Dat zou hij niet overleven. En dan nog helemaal onschuldig ook. Ah ja. Hij dacht namelijk dat dat meiske vijfentwintig was of zo, in de plaats van vijftien. En natuurlijk had ze zélf seks gewild met hem, de adonis dat hij was. Die rechter kon afkomen met containers vol bewijzen, maar toch was zijn waarheid de echte. De mama pinkte een traantje weg. Zo veel leed dat haar zoon werd aangedaan, dat kon ze niet langer aanzien. ‘Denniske toch, wij kennen toch iemand met een huis in Griekenland? Wat als…’
Maar dat was nog eens een idee. Dennis wilde absoluut niet blijven wachten in België tot dat gevangenisbriefje in de bus viel. Een jaar tevoren, toen hij naar Praag was gevlucht, hadden ze hem snel weer te stekken. Logisch, zo dacht hij achteraf bekeken. In zo’n grote stad loop je in de kijker, en hij had er nu niet bepaald low profile geleefd. Maar als hij nu eens naar een of ander boerengat in Griekenland zou trekken: wie zou hem dààr in godsnaam komen zoeken? Geld had hij niet meer op overschot, maar er waren ginds spotgoedkope hotelletjes, toch?
Dat nadenken over vluchten had wel even tijd gekost en Dennis besefte dat de kans reëel was, dat hij – alweer – internationaal geseind stond. Met zijn auto kon hij dus niet helemaal tot ginder rijden. Dat was een rit van zo’n 2.400 kilometer, dus de kans op politiecontrole onderweg was groot. Vliegen was om diezelfde reden ook uitgesloten. En daarbij: dat zou hij, met zijn hemelse schrik voor vliegen, ook nooit doen. Te voet was veel te ver en om te fietsen was hij veel te lui. Er bleef nog maar één oplossing overeind: per bus en trein naar ginds. Hier en daar een ticket kopen en klaar: anoniem reizen gegarandeerd.
Daar in het noorden van Griekenland toegekomen, bleek dat paradijs toch niet zo paradijselijk. Niemand kende hem daar, en dus kon hij er tegen niemand opscheppen. Omdat hij er niemand was, was er natuurlijk ook geen enkele meid die zijn praatjes over catwalk hier, cover daar maar ‘voor wat hoort wat’ trapte. De Griekse vrouwenbeentjes bleven dus ook dicht. Geen. Zak. Had. Hij. Om. Handen.
Hij had zich zo voorgenomen voorzichtig te zijn. Geen telefoon te nemen. Ook geen internet te nemen. Al die dingen waren traceerbaar. Maar anderzijds was hij het beu om zich vierentwintig uur per dag stierlijk te vervelen. Wie zou hem daar komen zoeken, als hij toch een klein beetje telefoon een een ietsepietsie internet nam?
De arm der wet, zo bleek al snel. Dennis de geseinde stak zijn telefoonantenne boven het maaiveld uit en daar kwam de arm der wet klopperdeklop doen op zijn Griekse hoteldeur – waar hij overigens volgens verschillende bronnen wel onder een valse naam was ingecheckt. Boeien aan en meekomen. Oudejaarsavond 2011 vierde hij waar hij thuishoorde: achter tralies.
Ma Burkas schreeuwde het vervolgens uit in de kranten. Iemand moest het immers doen, want Dennis kon geen persberichten meer uitsturen: ‘Dennis wist helemaal niet dat hij naar de gevangenis moest. Hij was niet op de vlucht. In afwachting van zijn celstraf zocht hij gewoon wat rust op het platteland. Hij was veroordeeld, maar hij meende dat hij een brief zou krijgen met de datum waarop hij zich moest melden. Die brief kwam er nooit. Nu doen ze alsof hij ondergedoken was, maar ze hebben geen enkele moeite gedaan’, aldus ma Burkas op 3 januari 2012 in “Het Nieuwsblad”.
Het was natuurlijk nogal wiedes dat dat gevangenisbriefje er nooit kwam. Dennis had op dat moment geen adres meer in België. Ambtelijk geschrapt, zoals dat heet. En zijn adres in Griekenland had hij niet opgegeven. De arm der wet kon dus niks anders doen dan hem als “wanted” seinen en wachten tot hij een stommiteit deed – zoals internet en telefoon nemen. Ma Burkas en haar zoon: moesten ze samen aan een wedstrijd “uit de nek lullen” deelnemen, ze zouden met vlag en wimpel winnen.