Logo P-magazine Regio Zoeken Rubrieken

Striprepubliek Vlaanderen: 100.000 albums per kwartaal, maar jongeren denken steeds minder in albums

Redactie - 01-09-2026

Wij verkopen nog altijd strips als geen ander taalgebied ter wereld. Alleen tekent de nieuwe generatie iets wat niet meer in dat rek past.

Van De Kiekeboes verschijnt er om de drie maanden een nieuw album, en van elk album gaan er meer dan honderdduizend exemplaren over de toonbank. In een taalgebied van zes miljoen mensen.

Zet dat naast een Vlaamse roman, waarvan drieduizend verkochte exemplaren al een succes heet, en je begrijpt waarom dit land zichzelf een striprepubliek noemt. Naast de Kiekeboes staan Suske en Wiske, Jommeke, Urbanus en F.C. De Kampioenen: vijf reeksen die al decennia de rekken vullen.

En toch is er iets fundamenteel aan het schuiven.

Hoe dat systeem in elkaar zit

Wat wij een strip noemen, is eigenlijk een heel specifiek product: het Frans-Belgische album. Achtenveertig pagina's, vast formaat, een reeks met een nummer op de rug, een vaste cast, een verhaal dat afgerond is tegen de laatste bladzijde.

Dat model is een fabriek, en dat is geen verwijt. Het draait op vier zaken: een tekenaar met een herkenbare stijl, een studio die het volume aankan, een voorpublicatie in de krant, en een reeks die tientallen jaren doorloopt.

Dat laatste onderschatten veel lezers. Merho tekent De Kiekeboes al lang niet meer alleen; er staat een ploeg achter, met vaste tekenaars, inkters en kleurders. Zo houd je een kwartaalritme aan, veertig jaar lang. Zonder studio bestaat dit model niet.

Het onderdeel dat verdwenen is

Er zit wel een gat in die fabriek, en het is groter dan de meeste mensen beseffen.

Het Suske en Wiske Weekblad verscheen tussen 1993 en 2003. Dat was de laatste poging in Vlaanderen om een nieuw stripblad te lanceren. Sindsdien is er geen enkel meer bij gekomen.

Waarom dat telt: het stripblad was de kweekvijver van het hele systeem. Daar verscheen een verhaal week na week, daar leerde een jonge tekenaar op tempo werken, daar mocht iets mislukken zonder dat er een volledige albumoplage aan vasthing, en daar bouwde een reeks een publiek op vóór ze in het rek belandde.

Dat weefsel is weg. Wat overblijft, is een systeem waarin je pas meetelt als je meteen een album vult, en waarin de bestaande reeksen de ruimte innemen die vroeger naar nieuw werk ging.

Waar de nieuwe generatie dan wel zit

Ondertussen is er in Vlaanderen een generatie tekenaars opgestaan die internationaal veel indruk maakt en die je in de klassieke stripafdeling nauwelijks tegenkomt.

Brecht Evens, Judith Vanistendael, Olivier Schrauwen, Ben Gijsemans, Randall C., Ephameron, Wide Vercnocke, Simon Spruyt: namen die in Frankrijk, Duitsland en de Verenigde Staten vertaald worden en op internationale festivals prijzen halen. Ze werken bij uitgeverijen als Oogachtend en Bries, niet bij de grote albumfabrieken.

En ze denken niet in reeksen. Ze maken één boek. Tweehonderd pagina's als het verhaal dat vraagt, veertig als het genoeg is. Eigen formaat, eigen kleur, eigen einde. Geen nummer op de rug, want er komt geen deel twee.

Dat is geen stijlkwestie maar een andere opvatting van wat een strip is. In het albummodel is het verhaal een aflevering in een wereld die blijft draaien. In het andere is het boek zelf het werk, zoals bij een roman.

En de allerjongsten lezen op hun telefoon

Ga nog een generatie lager en het beeld verschuift opnieuw, deze keer helemaal.

Wie vandaag vijftien is, leest manga en webtoons. Manga verkoopt in de boekhandel in stapels: dunne deeltjes, zwart-wit, goedkoop, en reeksen die honderd delen kunnen lopen. Webtoons lees je zelfs niet op papier, maar verticaal scrollend op je telefoon, gratis of per aflevering, met een verhaal dat elke week een stukje verder gaat.

Kijk naar het formaat en je ziet meteen waarom het klassieke album daar niet tegenop kan. Een album is ontworpen voor een boekenrek en een boekhandel: liggende tekeningen, een harde kaft, een prijs rond de negen euro, en een verhaal dat je in twintig minuten uit hebt. Een webtoon is ontworpen voor een duim.

Dat is niet vies of oppervlakkig. Het is gewoon een ander medium, dat toevallig hetzelfde gereedschap gebruikt: tekeningen met tekstballonnen.

Wie betaalt dit allemaal?

Elk van die drie werelden heeft een ander verdienmodel, en maar één ervan werkt echt.

Het albummodel betaalt via volume en herhaling. Honderdduizend exemplaren, vier keer per jaar, decennialang: daar leeft een studio van.

De graphic novel betaalt via vertalingen, prijzen, werkbeurzen en tentoonstellingen. Een boek waar drie jaar werk in zit, verkoopt in het Nederlandse taalgebied misschien enkele duizenden exemplaren. Zonder een Franse of Amerikaanse uitgever is dat rekenkundig onmogelijk.

En de webtoon betaalt zo goed als niets, tenzij je bij de allergrootste zit.

Het resultaat is wrang: de best opgeleide tekenaarsgeneratie die dit land ooit had, verdient gemiddeld minder dan de generatie die met potlood en Oost-Indische inkt begon.

Dat het anders kan, is al bewezen

Toch is dit geen doemverhaal, en het bewijs komt uit de klassieke hoek zelf.

Tien jaar geleden begon Standaard Uitgeverij aan Amoras, een donkere, volwassen variant op Suske en Wiske waarin de vertrouwde personages in een heel ander verhaal terechtkwamen. Er zijn er meer dan een miljoen van verkocht.

Dat toont waar het werkelijk om draait. Het probleem van de Vlaamse strip is niet het album als voorwerp, en het is ook niet de nieuwe generatie. Het probleem is de neiging om op automatische piloot te blijven doorproduceren, met personages die emotioneel nog in de vorige eeuw wonen, terwijl een kind vandaag kan kiezen tussen dat en een reeks waarin iemand van zijn leeftijd echte twijfels heeft.

De striprepubliek staat er dus nog. Ze verkoopt alleen vooral aan mensen die haar al kenden.

Probeer eens

Ga eens naar de stripafdeling en loop voorbij het rek dat je al kent.

Neem één album van een reeks die je van vroeger kent, en leg er één boek naast van iemand uit dat rijtje hierboven. Lees ze na elkaar. Je zult merken dat het niet om oud tegen nieuw gaat, en ook niet om gemakkelijk tegen moeilijk.

Het gaat om twee verschillende beloftes. Het album belooft je dat de wereld blijft draaien en dat er over drie maanden een volgend deel is. Het andere boek belooft je dat dit verhaal ophoudt, en dat je daarna iets moet doen met wat je gelezen hebt.

(Foto: P-magazine)

Showbizz Bonnie blue

Reacties

Resterende karakters 500

Lees meer

Nieuwsbrief Mis nooit meer het laatste nieuws, exclusieve aanbiedingen en boeiende verhalen van P-magazine! Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.
Zoeken