Sinterklaas ruilt helikopter weer in voor stoomboot: Halle bereidt zich voor op ouderwetse intocht met 38 Zwarte Pieten
Sinterklaas komt dit jaar niet aangevlogen, maar weer aangevaren. Na enkele jaren hoog in de lucht, keert de goedheiligman terug naar zijn roots: de stoomboot. Op 24 november meert hij, klokvast als een Zwitsers uurwerk met baard, aan in Halle. Aan dek: 38 Zwarte Pieten. Echte, volgens de organisatie. Wat dat vandaag precies betekent, laat zich raden.
De intocht wordt georganiseerd door Halattraction – dezelfde ploeg die ook het Halse carnaval op poten zet, een organisatie waar glitter, confetti en controverse elkaar geregeld ontmoeten. De stad legt er zo’n 13.000 euro voor op tafel, goed voor stoom, speculaas en een vleugje nostalgie.
“De intrede van Sinterklaas is elk jaar een feest voor het volk,” zegt schepen van Evenementen Louis Van Dionant (CD&V), die het evenement vol overtuiging verdedigt. “Het zorgt voor vrolijke gezichten én volle cafés.” In Halle klinkt het dan ook dat de Sint niet enkel de kinderen cadeaus brengt, maar de lokale horeca omzet.
Van rotor naar roet
De voorbije jaren landde de Sint met een helikopter, een ietwat onheilige combinatie van mythe en motorolie. Dat zorgde voor spektakel, maar blijkbaar ook voor stress — want dit jaar houdt men het bij het oude vertrouwde recept: varen, zwaaien, aanmeren en door de stad trekken met dansers, muziek en een vleugje nostalgie. “We willen rond twee uur aanmeren,” zegt Marc Tordeurs van Halattraction, “en daarna trekken we in stoet het centrum door. Klassiek, gezellig, zonder turbulentie.”
Over de kleur van traditie
Het stadsbestuur heeft zich niet bemoeid met de kleur van de Pieten. “De organisatie kiest zelf,” zegt men in Halle. “Ze gaan voor traditionele Zwarte Pieten, maar zonder overdreven rode lippen of grote oorbellen.” Het is een compromis waar menigen in het huidige debat wellicht zowel boe als hoera bij kunnen roepen.
En zo de Sint weer stoom af richting Halle. Laat ze maar neuten over roetpieten, in Halle klinken ze er eens op?
(Foto: Shutterstock)