Jarenlang waren de Europese uitstootnormen vooral slecht nieuws voor eigenaars van benzine- en dieselwagens. Bij elke nieuwe Euro-norm werden de regels strenger en moesten autofabrikanten steeds creatiever uit de hoek komen om hun verbrandingsmotoren nog door de keuring te krijgen.
Elektrische auto's konden intussen rustig achteroverleunen. Geen uitlaat betekent immers geen uitlaatgassen. Probleem opgelost, zou je denken.
Niet dus.
Vanaf 29 november gaat de nieuwe Euro 7-norm van kracht en die kijkt voor het eerst veel verder dan alleen wat er uit de uitlaat komt. Ook elektrische auto's worden voortaan onder de loep genomen. Niet omdat ze plots CO₂ uitstoten, maar omdat ook een EV vervuilt. Alleen gebeurt dat op een andere manier.
Dat een elektrische auto tijdens het rijden geen uitlaatgassen produceert, wil niet zeggen dat hij helemaal geen impact op het milieu heeft.
Denk maar aan de banden. Die slijten voortdurend en laten kleine rubberdeeltjes achter op het wegdek. Hetzelfde geldt voor remmen, die fijnstof produceren zodra remblokken tegen remschijven schuren. Bovendien zijn veel elektrische auto's behoorlijk zwaar door hun grote accupakket, waardoor banden vaak sneller afslijten dan bij vergelijkbare benzinewagens.
Volgens de OESO kan dat zogenaamde "niet-uitlaatgebonden fijnstof" bij zware elektrische auto's zelfs even hoog of in sommige gevallen hoger liggen dan bij auto's met een verbrandingsmotor.
Europa wil daar nu paal en perk aan stellen.
De nieuwe Euro 7-regels leggen voor het eerst vast hoeveel fijnstof remmen nog mogen produceren.
Opmerkelijk genoeg krijgen elektrische auto's daarbij in eerste instantie zelfs strengere normen opgelegd dan benzine- en dieselwagens. Dat klinkt misschien vreemd, maar daar zit een logische verklaring achter.
Elektrische auto's maken immers volop gebruik van regeneratief remmen. Zodra je het gaspedaal loslaat, werkt de elektromotor als een generator en wordt de auto afgeremd terwijl tegelijk elektriciteit wordt teruggewonnen voor de batterij. Daardoor hoeven de klassieke remmen veel minder hard te werken en produceren ze ook minder remstof.
Europa verwacht dus dat elektrische auto's die strengere norm zonder veel problemen kunnen halen.
Niet alleen remmen krijgen aandacht. Ook de banden worden voor het eerst onderdeel van de Europese milieuregels. Fabrikanten zullen moeten aantonen hoeveel materiaal hun banden verliezen tijdens normaal gebruik. De exacte meetmethodes worden de komende jaren verder verfijnd, maar de boodschap is duidelijk: Europa kijkt niet langer alleen naar wat een auto verbrandt, maar ook naar wat hij onderweg achterlaat.
Dat lijkt misschien een detail, maar net die slijtage zorgt voor miljoenen microscopisch kleine rubberdeeltjes die uiteindelijk in het milieu terechtkomen.
Nog opvallender is dat Euro 7 zich niet beperkt tot vervuiling. Ook de levensduur van de batterij wordt voortaan wettelijk vastgelegd. Na vijf jaar of 100.000 kilometer moet een elektrische auto nog minstens 80 procent van zijn oorspronkelijke batterijcapaciteit overhouden. Na acht jaar of 160.000 kilometer moet dat nog altijd minstens 72 procent zijn.
Daarnaast moet elke nieuwe elektrische auto kunnen registreren hoe gezond de batterij nog is, zodat eigenaars én tweedehandskopers een beter beeld krijgen van de resterende capaciteit.
Voor wie een gebruikte elektrische auto wil kopen, is dat eigenlijk uitstekend nieuws. De staat van de batterij is vandaag vaak het grootste vraagteken bij een tweedehands EV.
Wie vandaag met een benzine-, diesel- of elektrische auto rijdt, hoeft zich geen zorgen te maken. De nieuwe regels gelden uitsluitend voor nieuwe modellen die vanaf 29 november 2026 worden goedgekeurd. Vanaf eind 2027 moeten alle nieuw ingeschreven auto's eraan voldoen.
Bestaande auto's behouden gewoon hun huidige Euro-classificatie en hoeven niet aangepast te worden.