Er bestaan auto’s die snel zijn. Er bestaan auto’s die mooi zijn. En dan bestaan er nog zeldzame machines die erin slagen om tegelijk elegant, revolutionair én compleet dominant te zijn. De Bugatti Type 35 was zo’n auto. Meer zelfs: veel historici beschouwen hem als de succesvolste racewagen aller tijden. En wanneer je vandaag, honderd jaar later, nog eens goed naar dat ding kijkt, begrijp je meteen waarom.
Want de Bugatti Type 35 was veel meer dan zomaar een raceauto uit de jaren twintig. Het was een rijdend kunstwerk. Een wagen die eruitzag alsof een beeldhouwer en een ingenieur samen een delirische nacht hadden beleefd met veel wijn, sigaren en grootheidswaanzin. Het resultaat was een auto die niet alleen races won alsof het niets was, maar tegelijk zo sierlijk oogde dat hij zelfs stilstaand sneller leek dan veel moderne sportwagens.
Het verhaal begint bij Ettore Bugatti, de Italiaans-Franse constructeur die auto’s nooit zag als puur mechanische toestellen. Voor hem moesten wagens ook schoonheid uitstralen. Waar andere merken brute kracht en lawaai belangrijk vonden, wilde Bugatti elegantie, verfijning en perfectie. Hij had een hekel aan logge constructies en zei ooit beroemd dat “gewicht de vijand is”. Dat principe zou uiteindelijk het hart vormen van de Type 35.
Toen de wagen in 1924 debuteerde tijdens de Grand Prix van Lyon, keek de autowereld verbaasd toe. Concurrenten kwamen opdagen met grote, zware machines die vooral intimiderend moesten overkomen. Bugatti arriveerde met een lage, ranke, haast delicate racewagen die eerder leek ontworpen voor een kunstgalerie dan voor een circuit vol stof, olie en waaghalzen zonder doodsangst. Maar achter die elegante carrosserie zat een machine die zijn tijd vér vooruit was.
De eerste Type 35 kreeg een achtcilinder-in-lijn van twee liter groot. Alleen al dat gegeven was indrukwekkend in een tijd waarin veel auto’s nog primitieve motoren hadden die meer trilden dan draaiden. De motor van de Bugatti liep zijdezacht en leverde, afhankelijk van de versie, tussen ongeveer 90 en 140 pk. Vandaag klinkt dat niet indrukwekkend, maar in een wagen die amper meer dan 700 kilogram woog, was dat ronduit spectaculair. Topsnelheden van meer dan 190 kilometer per uur waren mogelijk, en sommige latere versies gingen zelfs richting 210 kilometer per uur. Dat waren hallucinante cijfers in een periode waarin remmen eerder een suggestie waren dan een garantie.
Wat de Type 35 extra bijzonder maakte, was hoe vooruitstrevend hij technisch was. Ettore Bugatti gebruikte gegoten aluminium velgen met geïntegreerde remtrommels, iets wat in die tijd revolutionair was. Niet alleen zag het er fantastisch uit, het verbeterde ook de koeling van de remmen en verminderde het gewicht. De wagen stuurde scherper, voelde lichter aan en bleef stabieler dan veel concurrenten. Terwijl andere racewagens bestuurd moesten worden alsof je een wild paard probeerde te temmen, voelde de Bugatti haast verfijnd aan.
En dat vertaalde zich rechtstreeks naar resultaten. De Type 35 begon races te winnen alsof het een dagelijkse routine was. Grand Prix-races, heuvelklims, endurancewedstrijden… overal waar een Bugatti opdook, begonnen concurrenten zenuwachtig naar hun mecaniciens te kijken. Vooral in de Targa Florio, één van de zwaarste en gevaarlijkste races van die tijd, werd de Type 35 haast legendarisch. De wagen won er meerdere keren en groeide uit tot hét symbool van snelheid en prestige in Europa.
Volgens sommige schattingen won de Bugatti Type 35 meer dan 2.000 races. Dat aantal klinkt bijna absurd, maar toont vooral hoe dominant die auto werkelijk was. En toch draaide het bij Bugatti nooit enkel om brute prestaties. De wagen straalde klasse uit. Waar sommige racewagens uit die tijd eruitzagen alsof ze bestuurd werden door mannen die op café ruzie zochten, had de Bugatti iets aristocratisch. Alsof hij eigenlijk neerkeek op de rest van het deelnemersveld.
Ook vandaag blijft de aantrekkingskracht van de Type 35 gigantisch. Originele exemplaren zijn miljoenen waard en verschijnen op prestigieuze concours d’élégance of historische races waar verzamelaars en miljardairs elkaar proberen te overtroeven. Maar zelfs tussen hypercars van tientallen miljoenen euro’s blijft een Bugatti Type 35 iets magisch hebben. Misschien omdat je voelt dat dit niet zomaar een oude auto is, maar een wagen die mee de blauwdruk geschreven heeft voor alles wat een sportwagen vandaag hoort te zijn.
Want zonder de Type 35 was Bugatti waarschijnlijk nooit de mythische naam geworden die het vandaag nog altijd is. Geen Veyron. Geen Chiron. Geen moderne hypersportwagens met krankzinnige vermogens. Het DNA van het merk ontstond hier: in een smalle blauwe racewagen uit de jaren twintig die bewees dat snelheid en schoonheid perfect konden samengaan.