Wiens brood men eet, diens woord men spreekt. De portefeuille van de geldschieter bepaalt de inhoud van de film in ons land.
Op 7 oktober opent Lukas Dhont Film Fest Gent, twee weken later hangt zijn film in de zalen. Wie betaalt dat eigenlijk?
Het Vlaamse filmnajaar heeft een startschot, en het valt op woensdag 7 oktober in Gent. Dan opent Coward, de derde langspeelfilm van Lukas Dhont, de 53ste editie van Film Fest Gent in kunstencentrum VIERNULVIER. Het is de Benelux-première, en het is de derde keer dat Dhont het festival opent. Vanaf 21 oktober draait de film in de Belgische zalen, een dag later in Nederland.
Dat is meteen het patroon van elk Vlaams filmnajaar: het festival is de etalage, de weken erna is de winkel.
Waar Coward over gaat
We schrijven 1917. De oorlog sleept aan. Pierre, een jonge soldaat die net aan het front is aangekomen, wil zich bewijzen. Achter de linies ontmoet hij Francis, die besloten heeft het moreel van zijn kameraden op te krikken door een theatervoorstelling in elkaar te steken.
Twee dingen vallen op. Ten eerste de rolverdeling: de hoofdrol is het acteerdebuut van Emmanuel Macchia, naast Valentin Campagne. Ten tweede het onderwerp. Dhont brak door met Girl en Close, twee films over jonge mensen en het lichaam waarin ze vastzitten, allebei bekroond in Cannes. Coward, dat in Cannes eveneens een prijs won, verplaatst dat naar de loopgraven van de Eerste Wereldoorlog, met theater als het instrument om overeind te blijven.
Wie kort door de bocht wil gaan: Dhont maakt opnieuw een film over jongens die iets moeten voorstellen, nu in een uniform.
En dan de aftiteling, waar het echte verhaal staat
Blijf bij de aftiteling zitten, want die vertelt hoe een Vlaamse film in 2026 tot stand komt.
Coward werd gemaakt met steun van het Vlaams Audiovisueel Fonds, van het economische fonds Screen Flanders, van Screen Brussels, van de Fédération Wallonie-Bruxelles, van Wallimage, van het Franse CNC, van Pictanovo uit Hauts-de-France, van Sacem, van het Nederlands Filmfonds, van het Nederlandse productiestimuleringsfonds en van Eurimages. Daar bovenop kwamen de Belgische federale taxshelter, de zender CINÉ+ OCS en de deelname van France Télévisions. Coproducenten in Groot-Brittannië en Frankrijk. Distributie in de Benelux door Lumière, in Frankrijk door Diaphana.
Tel dat eens. Meer dan tien publieke fondsen uit vier landen, plus een fiscale constructie, plus twee omroepen, voor één film van een regisseur die al twee keer in Cannes bekroond werd.
Dat is geen uitzondering. Zo wordt hier elke film boven het bescheiden budget gemaakt.
Wat dat betekent, in gewone taal
Het Vlaams Audiovisueel Fonds is het cultuurgeld: dat oordeelt over scenario en artistieke waarde. Screen Flanders is iets anders, namelijk economisch geld: dat wordt toegekend op voorwaarde dat er een bepaald bedrag in Vlaanderen wordt uitgegeven, aan crew, aan studio's, aan postproductie. De taxshelter is een fiscale regeling waarbij bedrijven investeren in een film in ruil voor een belastingvoordeel. Eurimages is Europees, en eist echte coproductie tussen landen.
Het gevolg is dat de financiering mee bepaalt hoe een film eruitziet. Er wordt gedraaid waar het geld ligt. Er wordt gemonteerd in het land dat postproductie eist. Er zit soms een acteur in van een nationaliteit die contractueel nodig was. En het duurt jaren: tussen het idee en de zaal liggen bij een dossier van deze omvang gemakkelijk vier tot zes jaar.
Wie zich afvraagt waarom er zo weinig Vlaamse films per jaar verschijnen, heeft hier zijn antwoord. Niet omdat er te weinig verhalen zijn, wel omdat elk verhaal een boekhouding van vier landen moet doorstaan.
Wat er nog aankomt
Naast Coward is er dit jaar al Dust van Anke Blondé, naar een scenario van Angelo Tijssens, die eerder mee schreef aan Close. De film ging in februari in première op de Berlinale, met Arieh Worthalter, Jan Hammenecker en Thibaud Dooms, en met Frank van den Eeden achter de camera, de man die ook Girl en Close draaide. Een Belgisch-Poolse-Griekse-Britse coproductie: opnieuw datzelfde patroon.
Voor de rest van de najaarslijst is het wachten tot 17 september. Dan maakt Film Fest Gent zijn volledige programma bekend, en dan pas ligt vast welke Belgische films in oktober en november in avant-première gaan en dus kort daarna in de zalen komen. Wie het najaar wil plannen, zet die datum in zijn agenda; wie eerder een lijst publiceert, gokt.
Praktisch
Film Fest Gent loopt van 7 tot en met 18 oktober. De openingsvoorstelling van Coward is uitverkocht, maar er komt vanaf 17 september een nieuwe schijf tickets vrij, samen met het volledige programma. Meteen aan het begin van het festival, van 8 tot 10 oktober, lopen ook de Film Music Days rond de World Soundtrack Awards: concerten, prijzen en masterclasses rond filmmuziek, het onderdeel waarmee Gent zich internationaal onderscheidt van elk ander festival.
Coward draait vanaf 21 oktober in de Belgische bioscopen.
Waar je dit najaar op moet letten
Niet op de openingsavond, want die is altijd goed. Wel op wat er drie weken later gebeurt.
Een Vlaamse film die het festival opent, krijgt een lancering waar geen enkele reclamecampagne tegenop kan. De vraag is telkens of die aandacht standhoudt zodra de rode loper is opgerold en de film moet concurreren met wat er uit Hollywood binnenrolt. Dat is de echte graadmeter voor de gezondheid van onze filmsector: niet hoeveel films er gemaakt worden, wel hoe lang ze in de zaal blijven hangen.
Kijk dus half november nog eens naar de programmatie van je bioscoop. Daar staat het antwoord.
(Foto: screenshot YouTube)