In nood kent men zijn vrienden en dat is ook voor dictators zo. Na de val van het regime-Assad in Syrië blijft de kernvraag volgens diverse inlichtingendiensten waarom Iran en Rusland hun bondgenoot in de steek hebben gelaten. Zeker Iran was in staat Assad te redden.
Diezelfde inlichtingendiensten zijn trouwens verrast door de snelheid waarmee de door Turkije gesteunde ‘rebellen’ (lees: terroristen) van HTS de macht overnamen.
ISW in een analyse gisteren: “Iran lijkt op dit moment niet bereid om op militair vlak op enige betekenisvolle schaal in te grijpen om het Assad-regime te steunen. Door Iran gesteunde troepen hebben het bijna volledig vermeden om oppositietroepen aan te vallen. The New York Times meldde dat een intern memo van de Islamitische Revolutionaire Garde (IRGC) de groeiende waarschijnlijkheid erkende dat het Assad-regime zal instorten. Het is bovendien verre van duidelijk dat Iran op dit moment hoe dan ook de troepen zou kunnen mobiliseren die nodig zijn om Assad te redden. Iran heeft een noodevacuatie van zijn diplomatieke staf en militaire officieren uit Damascus gelanceerd. De Iraanse minister van Buitenlandse Zaken Abbas Araghchi riep op tot een politieke dialoog met de oppositie, wat de toegenomen Iraanse zorgen over de levensduur van het Assad-regime weerspiegelt. Deze Iraanse bezorgdheid en inactiviteit komen te midden van berichten dat Rusland op dezelfde manier niet bereid is om in te grijpen ter ondersteuning van Assad.”
Onvermijdelijk rijst de vraag waarom een dictator die de Syrische revolutie leek te hebben overleefd, in zo’n korte tijd in het nauw kan worden gedreven. “Het regime staat al jaren uitermate zwak”, zegt Jihad Yazigi, hoofdredacteur van de nieuwssite The Syria Report, aan De Standaard. “Assad investeerde niets in het land, wou toch overal zijn graantje meepikken, en Syriërs werden wanhopig van de toenemende armoede en de eindeloze broodrijen, zonder enig vooruitzicht dat er iets zou verbeteren. Het leger is in dezelfde povere staat als alle andere staatsinstellingen.”
“Zelfs dat deerde Assad niet”, meent Yazigi. “Hij rekende op de steun van Rusland en Iran, zelfs het Westen zag geen alternatief meer voor de macht van Assad. Woorden als ‘compromis’ staan niet in zijn woordenboek: hij doet geen toegevingen, die beschouwt hij als een teken van zwakheid. Na jaren van hybris lijken zelfs zijn bondgenoten er de brui aan te geven. We weten niet hoe lang die strijd nog kan duren, maar onderschat de psychologische impact van de voorbije week op de Syriërs niet: begint het kaartenhuis te wankelen, dan kan het plots snel gaan.”
De echte vraag blijft: waarom hebben Rusland en Iran hun bongenoot opgegeven? Voor Israël is deze evolutie in principe geen goed nieuws.