Belgische boeren zitten met een probleem dat bijna absurd klinkt: een gigantische aardappelberg van 800.000 ton. Zo'n overschot heeft ons land nog nooit meegemaakt. De vraag dringt zich op: eten Belgen steeds minder aardappelen, of winnen pasta, rijst en couscous terrein?
Aardappelen zijn al eeuwen de basis van de Belgische maaltijd en vormen de kern van onze beroemde frietcultuur. Economisch zijn ze belangrijk voor duizenden landbouwers, maar zelfs dat kan de huidige overproductie niet tegengaan.
Uit het jaarrapport aardappelconsumptie 2024 van VLAM blijkt dat Belgen iets minder aardappelen thuis eten. Het volume verse aardappelen daalde met 3% naar 18 kilogram per persoon, tegenover 22 kilogram in 2016.
De dagelijkse consumptie blijft echter aanzienlijk, vooral in Vlaanderen: gemiddeld 66 gram per persoon per dag, volgens de Voedselconsumptiepeiling van Sciensano (2022-2023). Aardappelen blijven de populairste keuze bij de maaltijd: 51% van de Belgen gaf in 2024 aan dat ze de dag voordien aardappelen aten, tegenover 18% voor pasta en 8% voor rijst. Noedels, wraps, couscous en quinoa komen samen niet verder dan 1-2%.
Frietjes blijven koning
Ondanks een lichte afname in consumptie bij jongere generaties blijft friet de favoriet van jong en oud. De frietindustrie groeit gestaag, wat resulteert in een hogere productie van aardappelen. In 2024 werd 100.000 hectare gebruikt voor aardappelen, tegenover 78.000 hectare in 2015. Dat heeft bijgedragen aan het enorme overschot.
De aardappelberg is niet zomaar op te eten
Het lijkt eenvoudig: als we allemaal wat vaker aardappelen zouden eten, zouden de boeren verlost zijn van hun overschot. Helaas gaat het om industrieaardappelen, die niet voor elk thuisgerecht geschikt zijn. Om de overschot van 800.000 ton in één jaar te verorberen, zou elke Belg dagelijks 200 gram extra aardappelen moeten eten, bijna drie keer het huidige gemiddelde. Zonder ingrijpende veranderingen is het dus praktisch onmogelijk om de berg snel te reduceren.